Hallo Allemaal,
In Pakse hebben we niet veel ondernomen. Thomas was een beetje ziek dus hebben we alles op een laag pitje gezet. We hebben via couchsurfing Santy getroffen. Hij woont in Pakse en is een engineer, hij heeft ons veel over Laos verteld en we zijn weer een stukje wijzer geworden. Pakse zelf is wederom een rustig klein stadje (heeft net zoveel mensen als Heerlen), met een rijke geschiedenis. Pakse is de hoofdstad van de provincie Champassak. Tot 1946 was er in Laos het koninkrijk Champassak en leefde de laatste prins in Pakse. Er staat nog steeds een onafgemaakt paleis in Pakse, waar ze later een hotel van gemaakt hebben. Omdat we alleen wat rondgehangen hebben in het stadje zijn we niet naar omliggende schoonheden geweest. Daarom hadden we besloten nog naar het stadje Champassak te gaan. Deze ligt iets ten zuiden van Pakse en je moet er een bootje nemen om aan de overkant van de Mekong rivier te komen. Ook dit stadje heeft een koninklijke geschiedenis die veel verder gaat dan Pakse. Hier ligt een oud en vervallen tempelcomplex genaamd Wat Phou wat “tempel aan de voet van de berg” betekend. Dit complex is gebouwd in de 9e eeuw door het Khmer keizerrijk wat er in die tijd heerste. Dit koninkrijk nam een groot gedeelte van Thailand, Vietnam en geheel Cambodia en Laos in beslag, met Angkor (Angkor Wat tempels) als hoofdstad (tegenwoordig Siem Riep genoemd). Recente ontdekkingen geven aan dat er een directe weg is tussen Wat Phou en Angkor Wat in Cambodia. Het complex is in redelijke verval geraakt maar er worden pogingen ondernomen om alles weer op te bouwen. Ook al is dit complex van origine een Hindoestaanse tempel, veel Laotianen hebben het als een boeddhistisch bedevaartsoord gemaakt. Ieder jaar bij de tweede volle maan van het jaar wordt er een internationaal festival gehouden waarbij pelgrims naar deze plek reizen om te bidden, feest te vieren en Boeddha te vereren.

Het is best wel een stukje van Champassak vandaan en wij waren zo slim om te denken dat we het rondje van (ongeveer) 30km wel konden fietsen met 36 zonder schaduw. Geen slim plan dus. Ik kwam dan ook behoorlijk oververhit aan bij de Wat en moest toch even bij komen. Veel slimmer is het om een scooter of tuk-tuk te huren die overal wel verkrijgbaar zijn. Of gewoon kunnen zweten zodat je lichaam zichzelf koelt.

Onze avond in Champassak hebben we afgesloten bij een restaurantje wat heerlijk lokaal eten maakt genaamd: Champassak flavour. We hadden ergens gelezen dat er een theatervoorstelling met schaduw poppen zou zijn in Champassak, maar toen we er aankwamen bleken deze alleen op reservering voorstellingen te houden wat erg jammer is. We hadden nog graag zo een voorstelling gezien.
De volgende dag zijn we vroeg vertrokken om richting Don Det te gaan. Don Det is één van de vele eilanden die de 4000 eilanden telt. De 4000 eilanden is een streek in het zuiden van Laos aan de grens van Cambodia. De 4000 eilanden zijn (zoals de naam het zegt) allemaal eilandjes die in het midden van de Mekong rivier liggen. 4000 eilanden zijn het zeker niet, maar je ziet vele kleine rieteilandjes rondom de grotere eilanden. In Don Det zijn we bij een extreem relaxed guesthouse aangekomen genaamd Mama Leuah, zeker de moeite waard om er heen te gaan: niet duur en zeer lekker en goed eten en je slaapt in leuke schattige bungalowtjes. (reserveren via de mail)


Don Det heeft een relaxte sfeer die je direct voelt, we hebben dan de eerste dagen ook vrij weinig (lees niets) gedaan. Het heeft ook twee dagen “geregend”, dat houdt in dat er een klein beetje water valt en er na tien minuten al niets meer is. Op één dag zijn we per boot naar de grootste waterval van zuid-oost Azië geweest, dit zit hier praktisch om de hoek. De Khon Phapheng waterval is ongeveer 21 meter hoog en strekt zich uit over een kleine kilometer. In het regen seizoen komt er gemiddeld z’n 9 miljoen liter per seconde (!) naar beneden vallen, dan het is het zelfs de grootste ter wereld. Vele eilandjes zijn dan ook niet meer zichtbaar door al het natuurgeweld wat dan naar beneden komt.

Ook zijn we naar het naastgelegen eiland Don Khon gegaan. Hier kom je door een brug die Don Det en Don Khon met elkaar verbindt, lokalen vragen ongeveer €4 voor de overgang. Klinkt niet veel maar dit is een belachelijke prijs vooral omdat ze zeggen dat dit de toegang tot de watervallen is. Dat is helemaal niet waar en je betaald het helemaal voor niets want als je bij de watervallen aankomt is dit niet geldig. We hadden een fiets gehuurd en bij dit punt is Thomas heel hard doorgereden, ik had minder geluk maar door te zeggen dat we niet naar de watervallen gingen liet hij ons door.
We hebben eerst een rondje (met de klok mee) gedaan over het eiland. We hebben hier de zeer (niet) toeristische route genomen, langs andere watervallen, bamboebossen, kleine smalle paatjes (niet groter dan 10 cm) en een nogal oerwoudachtige jungle waar we zelfs apen, slangen en andere dieren gehoord/gezien hebben. Ook kan je vanaf dit eiland dolfijnen spotten, garantie krijg je niet en je moet een extra prijsje betalen als je de grens over gaat naar Cambodja, wat onvermijdelijk is want na het eiland (aan de zuid kant) ben je al in Cambodja. Wij hebben Cambodja dus ook al zien liggen. De dolfijnen die je dan kunt zien zijn de Irrawaddy dolfijnen. Deze zijn extreem zeldzaam een het geschatte aantal is nu rond de 50 (verdeelt over Laos en Cambodja). De kans is groter dat je ze in Cambodja ziet dus daar gokken we dan ook op.

Soms hoorden we het ’s avonds ontploffingen in de verte waar sirenes aan vooraf gingen. Thomas deed dit de eerste avond af als “vuurwerk” maar dat was het zeker niet. Op één van onze boottripjes zagen we verschillende borden staan “danger explosives”. Wat er precies gebeurd weet niemand maar er zijn twee opties. Of er worden ouden mijnen ongedaan gemaakt (die nog in vele aantallen voorkomen rondom de grenzen van Laos, Vietnam, Cambodja en Thailand), of dit is testgebied voor nieuwe wapens. Persoonlijk hoop/gok ik het eerste.
Vanuit ons hostel hebben we een busticket naar Kratie (Cambodja) geboekt. De busrit hiernaartoe verliep eigenlijk vlekkeloos. Er was wel iemand in de bus die voor ons de visums wilde afhandelen en dreigde dat de bus na 40 minuten zou vertrekken als we niet op tijd waren. Het duurde natuurlijk veel langer maar dat was uiteindelijk omdat hij er zelf zolang over deed. Wij hebben uiteindelijk $37 betaald om Cambodja in te komen terwijl hij $40 vroeg en je een uur langer op je paspoort moest wachten. We hadden al vreemde verhalen gehoord/gelezen over “health checks” die je zou moeten doorstaan. Uiteindelijk was het alleen een blaadje wat we moesten invullen en ons vaccinatieboekje wat we moesten laten zien. Het was op het immigratiekantoor best onoverzichtelijk. Er stond niets duidelijk aangegeven, dus werden we soms naar een tafel gestuurd waar we langs waren gelopen. Ook werden onze gegevens ingevoerd in de computer terwijl de beambte een zeer spannende serie aan het kijken was en daar zeker meer aandacht voor had dan onze gegevens. Ben benieuwd of we het land nog uitkomen.














kan je weer prachtige foto’s maken. Het water was die dag best koud en aangezien de zon niet scheen maakte het dat nog kouder. In en rondom het water zijn ook verschillende dieren zoals: krabben, vogels, vlinders maar ook slangen, dus goed kijken waar je loopt. Water schoenen zijn hier zeker geen overbodige luxe. Er waren kleedhokjes zodat we ons konden verkleden. Dat heet: mannen in zwembroek, vrouwen het liefst helemaal gekleed. Veel toeristen houden zich hier niet aan maar de mensen van Laos zien een bikini en badpak als ondergoed en voor hun loop je praktisch in je nakie rond. Ik vind het belangrijk dit te respecteren dus over mijn badpak heen had ik kleren aan. Even een waarschuwing voor langen mensen (langer dan 1.80m): het water is nogal ondiep op verschillende plekken wat Thomas zelf ondervonden heeft. Bij poging twee om dieper water te vinden (tijdens het springen) is hij er maar mee gestopt. Overdag viel het wel mee maar de zelfde avond liep hij kreupel van de pijn en was zijn enkel gezwollen (niet gebroken maar wel goed gekneusd) en heeft hij er nog enkele dagen last van gehad, maar inmiddels loopt hij weer als een zonnetje.

