105 – La Havana

Na bijna drie weken rondgereisd te hebben in Cuba zijn we weer terug waar we vertrokken waren: Havana. De stad telt meer dan 2 miljoen mensen en heeft een rijke geschiedenis die begint in 1515 bij de aankomst van de eerste Europeanen. Ondertussen heeft het een UNESCO status en trekt het meer dan 1 miljoen toeristen per jaar. Wij zijn twee van die toeristen die de stad verkend hebben. We hadden twee verschillende hostels, een in Vedado en een ander in Centro Havana lag wat bij Plaza de la Revolucion ligt. Op onze eerste dag hebben we Vedado verkend en zijn we naar Hotel Havana Libre gegaan waar het hoofdkantoor was tijdens de revolutie, het John Lennon park, de Noord-Koreaanse Ambasade (met alleen maar propaganda) en ten slotte naar het Napoleon museum.

Via de promenade zijn we terug gelopen naar ons hostel en aangezien het weekend was zijn we gaan stappen met wat andere backpackers in een club genaamd: La Fabrica. De naam zegt het al, het was ooit een oude fabriek en nu is het een cultuur centrum. Naast concerten worden er ook tentoonstellingen en exposities gehouden en was er deze avond ook een modeshow (er werden alleen gebreide kleren getoont, die soms een beetje te verhullend waren). Ook was er een kunstenaar aan het werk en kon je je door hem laten portretteren. Je portret werdt dan gebruikt voor een groot kunstwerk en zou dan “vereeuwigt worden”. Wij hebben mee gedaan en wie weet worden we wel in zijn kunstwerk gebruikt.

Het was echt een gezellige avond al was het wat lastiger om onze (zeer) dronken metgezellen mee terug te krijgen. Thomas had niet al te diep in het glaasje gekeken en kon gelukkig een nuchtere Celine wel helpen.

De ochtend daarna verhuizden we naar onze nieuwe verblijfplaats wat net naast een baseball stadion ligt. Baseball was voor lange tijd de enige sport die in Cuba gepeeld werd na de revolutie. Fidel zou namelijk een goede slagman zijn geweest en wilde de sport promoten onder het volk. Heel toevallig was er die middag een wedstrijd en zijn we deze (voor maar $3.-) gaan bekijken. Er hing echt een gezellige sfeer en er waren (bijna) geen toeristen te bekennen.

De dag erna zijn we naar Havana Vieja geweest. Dit is misschien wel het meest iconische gedeelte van de stad, waar onderandere het Capitool staat. Dit Capitool is ietsjes groter dan het Capitool in Washington D.C. en met alle old timers die er rijden maakt het naar onze mening een geweldig mooie indruk. We zijn door het stadscentrum heen gelopen en via de waterkade hebben we aan de overkant Castle of Tres Reyes del Morro gezien. Dit was het fort wat de ingang van de haven van Havana verdedigde tegen piraten. Jammer genoeg waren de meeste museums gesloten op maandag maar dat maakte de stad niet minder mooi. Ook hadden we de mogelijkheid om nog een filmscene te zien. Ergens in de straat bij Plaza de Armas een stuk film opgenomen, dit is al de tweede keer deze reis dat we dat mee maakten (de eerste keer was in Kampot, Cambodia). In de avond zijn we weer naar een Baseball wedstrijd gaan kijken en deze keer was er nog meer volk op de been. Het was een spannende wedstijd en het was zo heerlijk om het latijns temprament in volle glorie te ervaren. Ook deze keer trok het thuisteam weer aan het langste eind al was het nu wat spannenender dan de dag ervoor.

Op onze laatste dag zijn we nog even naar Plaza De Revolucion gegaan. Het is niet meer dan een groot plein waar een monument van Jose Marti staat, hij wordt als de grondlegger van Cuba gezien, Fidel heeft uiteindelijk zijn plannen uitgevoerd. Ook is er een hoge toren die je een pachtig uitzicht over de stad geeft. Op 1 mei en 26 juli worden hier militaire parades gehouden en gaf Fidel hier zijn speeches, wie dat dit jaar gaat doen is nog niet bekend, maar waarschijnlijk zal dat Raul Castro zijn die het stokje overneemt.

Toen we op weg waren naar het vliegveld voelden we ons wel een beetje treurig. Het voelde alsof we al afscheid hadden genomen van onze wereldreis, omdat dit het laatste land is wat we echt gaan bezichtigen. Er staan nu alleen nog maar steden op de planning en echt een land bezoeken zit er niet meer in.

De Taxi chauffeur had een vergissing gemaakt met de terminal en had ons bij de verkeerde afgezet. We wisten dit pas toen we nergens onze vlucht konden vinden om in te checken. Ze hebben naast de Nationale, de Internationale ook een USA terminal, waar onze chauffeur dacht dat het enkel voor vluchten naar Miami was. De terminal waar we moesten zijn lag 2 kilometer verderop. Dus zijn we met ons bagagekarretje langs de weg gelopen richting de volgende terminal. Geen haan die er naar kraaide dat we daar liepen al kregen we wel vaak een lift aangeboden die we helaas vanwege het bagage karretje moesten afslaan. We gaan het zeker missen dat hier (bijna) alles kan en dat we zo veel vrijheid hebben.

104 – De Sigaren regio

Viñales is een prachtige regio wat tussen de kalksteen formaties ligt en waar de grootste tabaksplantages zijn van het land. Maarliefst 70% van alle tabak wordt hier verbouwd en dan naar de fabrieken in Pinar del Rio of in Havana gebracht. Veel toeristen komen naar de vallei van Viñales om de schoonheid er van te ervaren.

Wij waren ook door de schoonheid bevangen en het er echt prachtig om rond te lopen. Viñales zelf vonden we echt te toeristisch. Hier waren alleen nog maar CUC restaurants en werd plotseling ook “Engels” gesproken door de lokale bevolking en dat is geen goed teken in een latijns-Amerikaans land. We voelden ons ook toerist, meer dan dat we ons voorheen gevoeld hebben. Men probeerde ons vanalles aan te smeren en we zijn om die reden zo min mogelijk in het dorp geweest.

We zijn zo veel mogelijk van de omgeving gaan bekijken en hadden een dagpas voor de lokale hop-on-hop-off bus geregeld. Deze zette ons af bij verschillende trekpleisters waaronder twee grotten. In Palenque de los Cimarrones konden we zien hoe ontsnapte slaven geleeft hebben in de nabijgelegen grotten van de regio.  Het was interesant om te zien hoe men een leven had opgebouwd in deze grotten. Verder zijn we nog naar een grot geweest waar een rivier doorheen loopt en waar je het laatste stuk met een bootje moest doen om de grot weer uit te komen. Het was zeker mooi om te zien maar niet extreem spectaculatiar, laten we het zo zeggen: we hebben deze reis mooiere grotten gezien.

Dan is er ook nog zoiets als : Mural de la Prehistoria, prehistorische muur schilderingen. Aan deze muur is niets prehistorisch behalve dat het gesteente vele miljoenen jaren oud is. Fidel Castro is hier op bezoek geweest en heeft “aanbevolen” er een muurschildering op te maken over het prehistorische leven van de regio. Met heel wat fantasie zijn er dansende/jagende mensen te zien en hebben ze wat dieren geschilderd. Naar onze mening is dit eerder een afbreuk op de omgeving dan een aanwist.

Jammer genoeg waren de lokale tabaksfabrieken gesloten omdat het nog niet het seizoen er voor is om sigaren te rollen. Maar we hebben wel een kijkje kunnen nemen in de (groeiende) tabaksvelden die nog vol staan met tabaksplanten. Het was er echt heerlijk lopen en dit hebben we eigenlijk het grootste deel van onze tijd gedaan.

We zijn wel nog een dag naar Pinar del Rio gegaan om een actieve tabaksfabriek te bezoeken. We mochten hier jammergenoeg geen foto’s maken maar het was interessant om te zien hoe men sigaren maakt. De werknemers moeten een 9 maanden lange cursus doen voordat ze aangenomen worden en dit is zeer zekers geen makkelijk baantje. Daarnaast hebben we nog een Wiskey fabriek bezocht waar de geur je al een straat van tevoren tegemoed kwam. Na nogwat in het stadscentrum te hebben rondgelopen zijn we weer terug naar Viñales gegaan.

Na Viñales zijn we naar een ander dorpje geweest genaamd Las Terrazas. Dit is ook weer een prachtige valei en het is een Biosfeer reservaat. Wederom is Fidel Castro hier langs geweest en heeft wederom zijn mening uitgesproken. Er moest van hem een reservaat gemaakt worden om het regenwoud weer terug te laten groeien. Er werden huizen voor de werkers geplaatst en sinds het einde van het project is het een toeristen trekpleister geworden. Het regenwoud is zo goed als terug gegroeid maar of er nu werkelijk meer toeristen komen kunnen we niet zeggen. We hebben hier een gids om de arm genomen en zijn met hem het bos ingeweest waar we enorm veel lokale vogels bekeken hebben die uniek zijn voor de regio en Cuba.

103 – Verregend

Onze volgende bestemming was Cienguegos, waar we we wederom een heerlijk lokaal tentje gevonden waar ze zelfgemaakte “milkshakes” verkochten. Gewoon met lokaal gemaakt ijs en melk, ons immuunsysteem en spijsverteringsstelsel zijn na zo lang reizen volledig ingesteld op lokaal water, ongewassen/ongekookt groenten en niet altijd goed doorgebakken vlees. We hebben ons hier goed verwend en de verkoopster was door het dolle heen als we weer terug kwamen voor nog een glas.

Cienfuegos is vernoemd naar de eerste gouverneur van het eiland en was in een van z’n eerste jaren verwoest door een orkaan. Cienfuegos ligt aan een baai die uitkomt bij de zee. Er loopt een lange promenade langs de baai en het heeft een paar mooie plekjes om aan het water te zitten of te picknicken.

Cienfuegos heeft een oud stadscentrum maar het is niet zo sfeervol als Trinidad.Het valt ook niet te vergelijken want Cienfuegos was niet van de Spanjaarden maar van de Fransen. Alle gebouwen hebben Franse invloeden en geven hierdoor een totaal andere sfeer. We hebben hier wat musea bekeken en zijn nog het theater binnen geweest wat in 1863 gebouwt is.

Omdat het strand zo dichtbij was wilden we wel een dagje naar het strand gaan, maar helaas zat het weer niet mee. Het heeft twee dagen hard en veel geregend en in plaats van het strand zijn we naar Santa Clara gegaan.

Santa Clara is een belangrijke stad in de geschiedenis van de revolutie. Hier behaalde Ernesto “Che” Guevara een grote overwinning door een trein te overvallen die vol was met munitie. Deze munitie roof was de doodsteek voor president Bastista die op dat moment als dictator aan de macht was.

Ernesto “Che” Guevara wordt als een van de grootste helden gezien van de revolutie. Zijn gezicht is er een die op vele t-shirts gedrukt staat maar eigenlijk is het een zeer veredeld beeld wat er geschetst wordt. Guevara is Argentijns van origine en heeft de gebroeders Castro leren kennen in Mexico. Hij is een van de 12 verzetsstrijders die uiteindelijk de revolutie in gang hebben gezet en hij was verantwoordenlijk voor het vervolgen van informanten, deserteurs en spionenen binnen het leger. Om een opstand van de lokale inwoners te verkomen, liet hij familie en vrienden van de geexecuteerden langs de exicutie muur lopen een paar minuten na het vonnis. Het bloed en de lichamen moest hun angst inboezemen om zich niet tegen het nieuwe regime te verzetten.

Na de revolutie werdt hij als Fidel’s opvolger gezien maar iets boterde niet meer tussen te twee en is Guevara vertrokken naar Afrika om in Congo een nieuw revolutie te starten. Dit ging niet zo soepeltjes als gehoopt en hij vluchtte uiteindelijk naar Tanzania. Na Afrika probeerde hij zijn geluk in Bolivia maar werd op 8 oktober 1967 verraden aan het Boliviaans leger en zonder pardon geexicuteerd. Zijn lichaam lag begraven in een onbekent graf en is pas in 1997 terug gebracht naar Cuba. In Santa Clara ligt hij begraven en er is een heel museum aan hem gewijd.

Niet alleen in Cienfugos regende het, maar ook in Santa Clara en tegen de tijd dat we bij het museum waren, waren we doorweekt als verzopen katjes. Om het nog dramatischer te maken, was het museum (door de hevige regenval) gesloten en waren we helemaal voor niets naar Santa Clara gekomen. We zijn weer terug naar het busstation gegaan en hebben gewacht op de eerste (en tevens enige) bus die weer terug naar Cienfuegos zou gaan. Het was een vermoeiende en verspilde dag.

We hebben vanuit Cienfuegos een collectivo geregeld die ons (via Havana) naar Viñales zou brengen. Het was een gezellig ritje (met een paar oude bekenden) in een leuk ouderweds auto/busje.

102 – Let’s talk about the money

Hallo allemaal,

We gaan het even over het Cubaanse geld hebben. Cuba heeft twee soorten de CUC en CUP. 1 CUC staat (ongeveer) gelijk aan $1 en 1 CUC bestaat uit 25 CUP, 1 CUP is dus maar $0.04. Toeristen betalen voornamelijk met CUC maar bij een Cadeca (Casa de Cambio) kan je dit gewoon wisselen naar CUP. Met de CUP kan je “peso voedsel” halen en krijg je bijvoorbeeld een pizzaatje voor 10 CUP (0.40 cent!) En een glaasje fris voor 1 of 2 CUP (0.04 cent!) Als je ietsjes meer dorst hebt en misschien nog een tweede pizza wilt, kan je voor $1 al klaar zijn. Naast de pizzas bieden ze ook vaak gewoon broodjes ham, kaas of warm vlees aan (goedkoper dan de pizza). De afgelopen dagen hebben we voornamelijk dit soort eten gehad en het heeft ons altijd goed gesmaakt (voedzaam is iets anders maar wel goedkoop). Het kan voorkomen dat ze CUC’s willen zien, maar een beetje bedachtzame reiziger weet daar wel goed mee om te gaan. Men zegt dat Cuba duur is, op deze manier is dat het zeker niet. En als je het dan af en toe afwisselt met een goede (dure) maaltijd heb je de vitamines ook weer binnen.

Onze volgende stad op het lijstje was Trinidad. Trinidad wordt ook wel de parel van het zuiden genoemd en het is zeker een mooie koloniale stad. Omdat we vroeg aankwamen met de nachtbus hadden we nog een hele dag voor ons. We hebben een toeristen trein gepakt die door de suikerriet velden gaat en twee “dorpjes” aan doet. Bij de eerste was het enorm toeristisch en aangezien we niets gingen kopen waren wel al weer snel terug bij de trein. De tweede (en laatste stop) was bij een oude rum fabriek waar de suikerriet verwerkt werd. Het voelde een beetje aan als een aanfluiting aangezien er naast vervallen gebouwen niks te zien was. Het museum was misschien wel het meest armoedige wat we in ons hele leven gezien hebben. Op loonstroken uit de jaren ’40 en wat typmachines na was er niets te zien.

Trinidad zelf viel minder tegen. We hebben door de leuke gekleurde straten gewandeld en wat museums bezichtigd. Er zijn mogelijkheden om tochtjes met een paard te doen maar die hebben we overgeslagen. Ook zou er iedere avond op het plein salsa gedanst worden maar toen we er aankwamen was er helaas niks van te vinden.