57 – Niet volgens plan

Hallo Allemaal,

Na lang overwegen hebben we besloten te vliegen naar Uruguay, waarom? Omdat we er zin in hadden. Het zuiden van Chili is op dit moment te koud om er te komen, het midden heeft niet veel te bieden en dan heb je het noorden. Even kijken naar vluchten kwamen we een goedkope vlucht tegen naar Montevideo, na wat wikken en wegen besloten we deze vlucht te nemen om vanuit daar via land terug te gaan naar het noorden van Chili. Zo hebben we besloten de reis ietsjes anders te laten verlopen, wat natuurlijk ook bij reizen hoort en het juist zo leuk maakt. We konden naar Uruguay zonder een visum aanvraag, wat het ideaal maakt.

Uruguay, het enige wat we wisten is dat het aan de Atlantische oceaan ligt tussen Brazilië en Argentinië, en 3 spelers van hun nationale voetbalelftal: Forlan, Cavani en Suarez. Dus hebben we ons de afgelopen dagen laten verrassen. Uruguay wordt ook wel het Zwitserland van Zuid-Amerika genoemd, omdat het een betere wetgeving heeft dan de meeste omringende landen. Zo is het vrouwenrecht hier zelfs eerder ingevoerd dat in sommige Europese landen en mochten vrouwen hier al scheiden vanaf 1907. Abortus is hier geen probleem, educatie is gratis (eeuwig studeren), is drugs gelegaliseerd (wat te merken is) en was het een land dat vroeg vrijkwam van het koloniale leven.

Montevideo is de hoofdstad van Uruguay en is de meest zuidelijkste hoofdstad van Zuid-Amerika, het ligt net ietsjes onder Buenos Aires. Montevideo werd opgericht ter bescherming van het Spaanse gedeelte, de Portugezen hadden namelijk Colonia gesticht en die vormde nu een bedreiging. Om deze bedreiging tegen te gaan en het Spaans grondgebied te verdedigen werd Montevideo gesticht aan de Braziliaanse kant van Colonia. Montevideo zou “de 6e heuvel van oost naar west” betekenen (Monte=heuvel, VI=6, deo=De Este a Oeste=van oost naar west), wat als aanwijzing voor de zeevaarders was. Men weet alleen niet welke vijf heuvels ze nog meer bedoeld hebben.

We hebben wederom een (gratis) stadswandeling gedaan waardoor we ook wat meer van de stad en het land te weten kwamen. Voor ons Nederlanders is Uruguay geen bekende reisbestemming, maar toch heeft het jaarlijks meer dan 3 miljoen vakantiegangers uit Brazilië en Argentinië, bijna net zo veel als het inwoners heeft, namelijk 3.4 miljoen.

In Montevideo hebben we het plein van de onafhankelijkheid bezocht. Er is een standbeeld van Artigas, hij was de eerste die dacht aan een onafhankelijk Uruguay en kreeg hier veel steun voor. Toch was dit plan niet mogelijk in die tijd en waren het de Engelsen die Uruguay uiteindelijk een vrij land maakte. Maar aangezien ze geen Engelsman een standbeeld kunnen geven hebben ze er één van Artigas geplaatst. Verder hebben we het theater, de Rambla (de boulevard), Plaza de la Consitucion waar de belangrijkste kerk van Montevideo ligt en zijn we geëindigd bij de Mercado del Puerto (markt aan de haven). Vroeger was dit de plaats waar schepen hun voorraden konden bijvullen en wij hadden een bruisende markt verwacht. In plaats daarvan zagen we allemaal klein winkeltjes die souvenirs verkochten of restaurantjes die extreem veel vroegen voor een maaltijd.

Verder zijn we nog naar het voetbalstadion geweest waar ook een museum gevestigd is. Uruguay heeft als eerste het wereldkampioenschap voetbal georganiseerd in 1930. Ze hadden de olympische spelen van 1928 in Amsterdam gewonnen en in 1929 werd bekend gemaakt dat Uruguay de eer toekwam. Vanaf dat moment waren er nog maar 8 maanden tot het WK zou beginnen en in deze tijd is dit stadion met man en macht gebouwd. Het stadion bood destijds plaats voor 100.000 bezoekers. Nog altijd is dit stadion het nationale stadion en wordt het ook gebruikt door verschillende clubs uit Montevideo voor hun wedstrijden. Het eerste WK, werd na een spannende finale uiteindelijk ook, door Uruguay gewonnen die met 4-2 te sterk waren voor de Argentijnen.

Kortom Montevideo is echt een verrassing.

56 – Bont en blauw

Hallo Allemaal,

Na Santiago zijn we doorgegaan naar Valparaiso, een stad aan de grote oceaan ten westen van Santiago. Valparaiso is groot geworden aan het einde van de 19e eeuw. Dit kwam door de goudkoorts die uitbrak in California en veel Europeanen wilden van dit succes meegenieten. Omdat het Panama- kanaal toen nog niet bestond, moesten schepen om de Kaap Hoorn varen om bij California uit te komen. De eerste stop sinds lange tijd was dan Valparaiso, waar de meeste schepen hun bevoorrading ging bijvullen. Veel gelukzoekers bedachten zich en bleven in Valparaiso om hier hun geluk te zoeken. Veel zakenmensen zagen met een zeer vooruitziende blik dat de handel in verse goederen vanuit hier een slimme keuze was. Omdat alle schepen hierlangs voeren en de stad aandeden was dit natuurlijk een goudmijn. Veel rijke families investeerden in de haven maar ook de kleine man profiteerde hiervan. In 1914 werd het Panamakanaal geopend waardoor de schepen niet meer langs Valparaiso kwamen en de stad in verval raakte. Nu de dag is het een beschermd gebied en staat het op de Unesco erfgoedlijst.

Het eerste wat opvalt in Valparaiso is dat het kleurrijk is, ieder huis heeft wel een andere kleur wat het direct een leuke sfeer geeft. De verschillende kleuren komt omdat verf kopen vroeg te duur was en de goedkoopste optie was naar de werf te gaan waar de schepen gemaakt werden en vragen of ze verf over hadden. Dat wat over was, was vaak genoeg voor maar één huis en dus moesten de buren voor een andere kleur gaan. Zo komt het dat ieder huis een andere kleur heeft, en om dit nu te behouden geeft de gemeente subsidie af als je je huis in andere kleur verft dan je buren.

We hebben hier wederom een tour gedaan met tour4tips en wederom is dit een aanrader. Je ziet zo niet alleen meer maar je leert ook waar je niet moet komen. Valparaiso staat er niet om bekend om een veilige stad te zijn en sommige gedeeltes kan je beter vermijden zoals: alles ten oosten van de haven. We hebben voornamelijk de wijk Bellavista bekeken, wat een hele gezellige wijk is met veel street art. De street art wordt voor twee dingen gebruikt: om een statement te maken en omdat onbeschilderde huizen beklad worden en om dit tegen te gaan worden kunstenaars gevraagd om het huis te beschilderen. Bij de ochtend toer hebben we de begraafplaats en de oude gevangenis gezien waar vroeger martelingen hebben plaatsgevonden, wat nu een cultuurcentrum is.

Valparaiso is gebouwd op heuvels, elke heuvel heeft een eigen naam en doordat de huizen op de heuvels zijn gebouwd lijkt het een beetje op de favela’s van Rio, gelukkig is het hier vele malen veiliger dan Rio. De vele heuvels hebben tegenwoordig ook een ander doel gekregen, iedere zomer wordt er het Redbull Valparaiso Downhill gehouden wat inhoudt dat je zo snel mogelijk naar beneden moet met een fiets. De winnaar van vorig jaar deed het in 2.50 min. wat naar onze mening zoiets is als vrijwillige zelfmoordpoging omdat de heuvels enorm stijl en smal zijn. Voor de nieuwsgierigen onder ons:

In de avond zijn we nog naar een voorstellig geweest van een beroemde Chileense zanger genaamd, Tata Barahona. Hij zingt in het Chileens (wat toch een stuk anders is dan Spaans) en over (politiek) gevoelige onderwerpen in Chili. Zo zingt hij over onderdrukking van de etnische groeperingen, daklozen en andere problemen die in Chili zijn. Daarnaast zingt hij ook gewoon over de liefde zoals iedere andere zanger. Ondanks dat hij niet heel jong is, is hij zeker populair bij de jongere generatie. De gemiddelde leeftijd zal eerder bij de 25 hebben gezeten dan bij de 40, wat ons enorm verbaasde. Hij is een zeer goede zanger, gitarist en mocht je een andere kant van Chili willen horen dan zou ik hem zeker aanraden.

 

55 – Koffie met benen

Hallo allemaal,

Na Rapa Nui zijn we aangekomen op het vaste land van Chili en nog wel in Santiago. Santiago is de hoofdstad van Chili en ligt dicht tegen het Andes gebergte aan. Je ziet dus ook goed de sneeuwbergen in de stad en aangezien het nu winter is kan je er gemakkelijk gaan skiën (als je daar zin in hebt).

Santiago is een stad met een rijke geschiedenis en die kent mooie en minder mooie kanten. De eerste bewoners van Santiago hebben zich tussen 10.000 v.C en 800 v.C gevestigd en de Mapuche zijn nog steeds directe afstammelingen van deze eerste bewoners. Pas rond 1541 kwamen de eerste Europeanen (Spanjaarden) en zijn eigenlijk nooit meer vertrokken. Santiago is sindsdien enorm gegroeid en heeft op dit moment net zo veel inwoners als de gehele provincie Noord- en Zuid-Holland terwijl het de helft qua oppervlakte van de provisie Utrecht bezit.

De Chilenen zijn voornamelijk theedrinkers en om de koffie aan de man te brengen werd er vroeger  iets nieuws geïntroduceerd, namelijk: koffie met benen. Cafés huren liefelijke dames die graag hogen hakken dragen en een kort rokje of jurkje willen dragen. Zij brengen dan de koffie rond en het is volledig geaccepteerd, tegenwoordig gaan complete gezinnen naar dit soort cafe’s. Er zijn natuurlijk ook cafeetjes die ook dames huren maar dan voor bikini’s te dragen met hogen hakken, dit is met een ander tintje. Hoe hoger de fooi die je ze geeft, hoe meer ze iets van hun kleren uit willen doen en hoe ver ze met je willen gaan. Prostitutie is illegaal maar deze vorm van “koffiedrinken” is gedoogd, al doen veel mannen hun trouwring af als ze naar binnen stappen.

Een van de eerste activiteiten die we gedaan hebben was het bezoeken van het mensenrechten museum (Museo de la memoria y las Derechos humanos). Dit museum vertelt over de coup die gepleegd is op 11 september 1973 en vertelt over het regiem maar ook over hoe het land uiteindelijk terugvocht en een democratie wist af te dwingen. Het regiem heeft 40.000 mensen het leven gekost en nog steeds zijn mensen officieel “vermist”. Gerechtigheid hebben de mensen niet gekregen omdat generaal Pinochet (voormalig dictator) dreigde om weer een coup te plegen als er een onderzoek naar hem zou komen. Dreigen was meer dan genoeg en uiteindelijk is hij nooit vervolgt voor zijn daden. Het is nog steeds een gevoelig onderwerp omdat de dictatuur wel voor welvaart zorgde, maar dan voornamelijk voor de rijken.

Santiago is ook de stad van protesten, elke week is er wel een protest in de stad. De dag na ons museumbezoek was dit ook het geval. De protesten waren gelukkig al geweest toen wij langs kwamen, maar de politie stond gewoon overal nog voor het geval ze terug kwamen. De dag va tevoren kwamen wij ook in aanraking met het protestleven. Voor de ingang van het museum kwamen wij in aanraking met traangas. Waar deze vandaan kwam is nog altijd een raadsel, er was namelijk niemand in de omgeving die hier wat mee te maken leek te hebben. We kunnen je zeggen dat het geen pretje is. ndanks dat wij maar een uitgedunde dosis kregen (kwam aanwaaien), deed dit erg pijn in de ogen. De ogen begonnen meteen te prikken en met tranen in de ogen probeerden wij de ingang van het museum te vinden, de rest van de dag voelden wij dit nog in de keel en ogen.

Verder hebben wee nog andere bezienswaardigheden gezien zoals het fort op de St. Lucia berg, wat een mooi uitzicht geeft over de stad en het daar achterliggende Andes gebergte. Verder hebben we een middagtour met Tour4Tips gedaan, echt een aanrader. De tour is gratis en aan het einde geef je een fooi naar eigen inzicht. We zijn langs veel verschillende en belangrijke gebouwen of bezienswaardigheden gekomen. Zo zijn we bij Palacio de La Mona geweest, het presidentieel paleis wat op 11 september verwoest werd door de coup. President Allende (de toen zittende president) heeft daar zijn laatste speech gegeven waarin hij zei dat hij zou sterven voor het land wetende dat het ooit weer op het juiste pad zou komen. Het paleis is door een paar bommen verwoest en Allende zou men dood hebben aangetroffen in zijn kantoor. De officieel doodsoorzaak zou zelfmoord zijn al wordt er sterk aan getwijfeld, want hij heeft een schotwond in het hoofd en een in de borst die beide direct fataal zouden zijn. Een persoon kan zichzelf niet twee keer ombrengen.

Verder zijn we bij de Metropolitaanse Kathedraal geweest die staat op Plaza de Armas wat het historisch stadscentrum is. Er werd ons verteld dat Opus Dei de meeste macht heeft in Chili en zij bepalen welke wetten er aangenomen worden door het parlement en welke niet. Zo mag een vrouw onder geen enkele omstandigheden abortus plegen omdat dit gezien wordt als moord. Vrouwen gaan (als ze het kunnen betalen) naar het buitenland of laten een dokter over komen. Heeft men geen geld dan gaat men naar een kwakzalver toe die wel het een en ander zou kunnen regelen. Vaak gaat zo’n operatie mis en overleeft de vrouw dit niet. Er zijn dus veel protesten aan de gang om dit tegen te gaan en abortus legaal te maken. Uiteindelijk zijn we de tour geëindigd in Gabriela Mistral Cultural Center, wat wederom een gebouw is met een geschiedenis. Het is gebouwd door de socialisten, verwoest door de dictatuur en wederopgebouwd door de democratie, net zoals de rest van de stad en het land.

54 – Rapa nui, het land van de Moai

Hallo Allemaal,

Eindelijk zijn we dan aangekomen op het langverwachte Paaseiland, één van de dingen waar we deze reis echt naar uitkeken om te zien. Paaseiland ligt op maar liefst 4000 km van het vaste land van Chili en bijna 2000 km van het eerste bewoonde eiland, het is dus één van de meest afgelegen plaatsten ter wereld. De eerste bewoners van Paaseiland kwamen tussen 700 en 1100 n.C. (gebracht door koning Hotu Mata) en het eerste contact met Europeanen kwam in 1722. Jacob Roggeveen ontdekte het eiland op paaszondag en gaf het de naam Paaseiland, Nederlanders zijn niet de meest creatieve ontdekkingsreizigers geweest als het kwam op namen verzinnen.

De meest bekendste gezichten van Rapa Nui zijn de Moai. Moai zijn stenen beelden en zijn gemaakt tussen 1250 en 1500 n.C. en representeren de voorouders van de Rapa Nui. De meeste staan met hun gezicht landinwaarts, dit komt omdat ze het volk beschermen en door ze te “zien” kunnen ze deze taak volbrengen, ze zijn dus de beschermengelen van de Rapa Nui. Er zijn in totaal 887 beelden op het eiland, variërend van 50cm tot 21m en wegen tussen de 700 kilo en 270 ton. Hoe ze deze beelden verplaats hebben is nog steeds een discussie maar ze hebben er veel bomen voor gebruikt. Toen de Rapa nui aankwamen was Paaseiland een regenwoud, nu staan er nog een paar kleine bosjes en is het land voornamelijk kaal en heuvelachtig. Het maken van een beeld koste ongeveer een maand tijd en het verplaatsen duurde ook minstens een maand. Sommige beelden zijn wel naar de andere kant van het eiland gebracht, dit werd gedaan door slaven (de laagste bevolkingslaag van de Rapa Nui). Sommige Moai hebben ook een Pukao, dit is een “hoed” gemaakt van rood lava gesteente wat komt uit Puna Pau. De Pukao is afgestemd op het hoofd van de Moai waar het op terecht kwam en variëren van 1.8m tot 3m en kunnen wel 10 ton wegen. Deze Pukao zijn pas veel later gemaakt, tussen de 15e en 16e eeuw en men is er nog steeds niet over uit wat ze precies representeren, het kan een hoed zijn maar ook haar of juist iets heel anders.

Door invloeden van de Europeanen waren er in 1877 nog maar 111 bewoners op Rapa nui, wat betekent dat 97% van de populatie gestorven was en dat er veel van de cultuur en gebruiken verloren gegaan zijn. In 1888 werden geannexeerd door Chili en tot op de dag van vandaag zijn ze officieel nog Chileens al strijden ze voor een onafhankelijkheid. Wij hebben veel van deze stille demonstraties gezien, er is een hotel aan de rand van de zee waar overal zwarte (piraten)vlaggen hangen en borden met protest tekeningen of teksten. Het zijn vreedzame protesten en behalve het wisselen van borden, hebben we niets ervaren. (de grond van het hotel is overgekocht door een Chileen, terwijl het overgrote deel van het eiland gewoon bezit is van de mensen op het eiland)

De Rapa Nui zijn ontzettend vriendelijke en lieve mensen die je graag willen helpen. Ze zijn zeker niet bang om een praatje met je aan te gaan en je te vertellen over de cultuur en het eiland. Het eiland is echt een prachtig eiland, het is zo groot als Texel en er is zo veel moois te zien. We hebben voor de periode een Quad gehuurd, wat ideaal is voor dit terrein en waarmee je (bijna) overal kan komen. We zouden het zeker aanraden omdat je zo ook sneller op afgelegen plaatsen komt en met een auto neem je dan risico minder snel. (zeker omdat dit eiland geen verzekering kent op vervoersmiddelen, sloop je de auto betaal je alle schade, of zelfs een nieuwe auto als je de handrem bij een klif vergeet)

Natuurlijk zijn er de Moai die overal statig aan de horizon herrijzen en waar je het respect gewoon voelt, maar er zijn ook andere dingen te bezichtigen. Zo is er een (herbouwd) dorp genaamd Orongo wat op de rand van een klif gebouwd is. Aan de ene kant is de zee en aan de andere kant is de afgrond van een vulkaan, tegenover het dorp ligt op ongeveer 1km een klein eiland genaamd Motu Nui. Iedere lente (rond September) werd er Tangata Manu georganiseerd, dit in ere van Make-make, de god. Ieder stam zond een afgevaardigde om de kliffen naar beneden te klimmen en naar Motu Nui te zwemmen (met gevaar voor eigen leven), hier moesten ze wachten totdat ze het eerste ei hadden gevonden wat de vogels hadden gelegd. Degene die het gevonden had moest dit dan naar de kust schreeuwen en dan het ei weer veilig terugbrengen naar Orongo. De man zou dan een jaar lang als heilige bestempeld worden, wat inhield dat je een jaar lang in een speciale woonplaats woonde samen met een heilige man (sjamaan) die het enige gezelschap was. In 1860 werd de Tangata Manu cultuur afgeschaft onder druk van de missionarissen.

Eens per jaar is op het eiland het Tapati festival, niet toen wij er waren maar wij hebben deze wel in het klein gezien. Dit festival is speciaal voor de mensen van het eiland om de cultuur door te geven en zo te behouden. Inmiddels kome hier vele toeristen op af en zijn er in die week 3 keer zo veel toeristen als bewoners van het eiland. Het deel wat wij gezien hebben is zoals men hier vroeger ook rond liep, bijna naakt, versiert en veel dansend.

Ook zijn er tekeningen die gegraveerd zijn in stenen. We hebben dit op sommige plaatsen gezien en je ziet duidelijk een vis, kano, birdman, Make-Make, haai en heel veel haken ingegraveerd. Persoonlijk vond ik dit bijzonderder dan de Moai omdat het een hele andere blik op de cultuur gaf.

Rapa nui heeft ook een groot grottenstelsel en sommige van deze grotten kan je ook in. Zo hebben we een grot gezien bij de kust waar schilderingen waren en de “bridman” (half mens, half vogel) en Make-make geschilderd waren. Ook zijn we in een grot geweest die als schuilruimte gebruikt werd tijdens de stammenoorlog in de 18e en 19e eeuw. De meeste grotten zijn instabiel en er wordt zeker niet aangeraden om erin te gaan.

In de 18e en 19e eeuw was er een stammenoorlog, vermoedelijk door voedsel tekort. Deze oorlog is de reden dat vele Moai omgevallen zijn, dit was geen ongeluk maar met opzet gebeurd. Zoals al eerder omschreven waren de Moai de beschermengelen van de stam en zolang ze naar de stam konden kijken was de stam beschermt en was het onmogelijk om de stam aan te vallen. Tegenstanders en vijanden van de stam trokken dus eerst de Moai van hun Ahu (platform) voordat ze de stam aanvielen. De stam was nu niet meer beschermt en (in theorie) makkelijker te verslaan. De komst van de Europeanen maakte een einde aan de stammenoorlog.

Het is een prachtig eiland met een bijzondere geschiedenis en we zijn van mening dat deze plaatsten belangrijk zijn te behouden en te respecteren. Het stond hoog op ons verlanglijstje en het heeft meer dan alle verwachtingen waargemaakt. We zijn hier (jammer genoeg) maar vijf dagen geweest, maar zelfs als je hier jaren verblijft zou het eiland je niet gaan vervelen. Het is een kwestie van tijd voordat we weer een retourticket gaan boeken naar dit prachtige eiland.